Twee eindspelstudies

1. Studie Richard Réti

2. Studie Henri Rinck

 

Opmerking 10.05.19: : Onderstaand artikel is eind februari 2019 geplaatst. Intussen heb ik gezien dat Rabinowitsj in het boek PIONNENEINDSPELEN – in Nederland waarschijnlijk uitgegeven rond 1947 – de hier te behandelen twee eindspelen uitvoerig onder de loep heeft genomen. De oorspronkelijke Russische uitgave uit 1938 bevat alle delen van de NL uitgaven incl. de pionneneindspelen.

 

1. Studie Réti (Kagan’s Neueste Schachnachrichten 1921)

 

Beschrijving: Beschrijving: Beschrijving: Studie Réti

Wit aan zet houdt remise

 

De zaak lijkt duidelijk. Wit is verloren, immers de zwarte K heeft in 2 zetten de witte pion te pakken of onder controle te nemen, de witte K kan alleen maar achter de zwarte pion aanhollen en komt dus te laat.

Réti laat zien dat dit niet klopt door beide mogelijkheden te combineren.

 

Eerst moeten we beseffen dat het begrip kortste weg op het schaakbord niet altijd een rechte weg is. Wanneer op een leeg bord bv. de zwarte Ka6 de snelste weg naar h6 wil nemen gaat het via b6, c6, d6, e6, f6, g6 en h6+. Correct. Maar hij kan ook een omweg maken naar h6 in hetzelfde aantal zetten via b5, c4, d3, e3, f4, g5.

In beide gevallen telt de witte manoeuvre 7 zetten. 

Nu de oplossing:

 

1. Kg7   h4

1. ...    Kb6 2. Kf6 Kxc6 3. Kg5 remise

2. Kf6   h3

2. ...    Kb6  3. Ke5 h3  4. Kd6 h2  5. c7 h1D 6. c8D Remise.

3. Ke6

of 3. Ke7

3. ...     h2

4. c7    h1D

4...Kb7 5. Kd7 h1D 6. c8D+ Remise.

5. c8D+

Weer een finesse: Wit geeft schaak!, wint daarmee een tempo waardoor het remise is.

 

 

2. Studie Rinck (Schweizerische Schachzeitung 1922)

 

Beschrijving: Beschrijving: Beschrijving: Rinck Pionnenstudie

Wit aan zet wint

 

 

Rinck is een jaar na de publicatie van de studie van Réti in dezelfde materie gedoken en heeft daarbij bovenstaande studie gemaakt.

 

1. a4     Kb3

2. a5     Kc4

3. a6     Kd3! 

4. a7!    f2 

5. a8D   f1D 

6. Da6†!

“Wit wint de koningin.”